Problemen met diepe bouwputten zijn volgens de initiatiefnemers van Geo-Impuls jaarlijks verantwoordelijk voor zo'n 150 miljoen euro aan faalkosten. Woensdag lanceerden ze hun plan om dat berag met 75 miljoen euro terug te dringen in het futuristische Lef Center van Rijkswaterstaat in Utrecht. Geo-Impuls verwacht tot 2015 toe te kunnen met een jaarlijkse investering van 1 miljoen euro. "Een investering van 6 miljoen levert over die periode ook al 450 miljoen euro op en is dus meer dan de moeite waard", meent ir. Hans Moll. De directeur van Strukton Engineering was een van de opstellers van het plan van aanpak van Geo-Impuls. Hij vindt niet dat er irreëel hoge opbrengsten worden voorgespiegeld. Uit een onderzoek van hoogleraar Frits van Tol uit 2007 bleek dat 90 procent van de gevallen had kunnen worden voorkomen als beschikbare kennis op tijd goed was ingezet. De overige 10 procent van de problemen was te wijten aan tot dan toe nog onbekende verschijnselen. Om daar een eind aan te maken is dus technisch-wetenschappelijk onderzoek nodig. De andere problemen zijn op te lossen door beter aan opleidingen, voorlichting en kennisverspreiding te doen.
Toezeggingen
Directeur-generaal Bert Keijts van Rijkswaterstaat beloofde bij de lancering van Geo-Impuls jaarlijks zo'n 250.000 euro beschikbaar te stellen aan menskracht en geld. De rest moet komen van de aannemers, ingenieursbureaus en kennisinstellingen. Die deden nog niet allemaal keiharde toezeggingen, maar gaven wel unaniem aan dat het initiatief wat hun betreft niet mag struikelen op een gebrek aan fondsen. Deltares gaat de projectgroep trekken die twaalf deelprojecten tot een goed einde moet brengen. Rijkswaterstaat levert de voorzitter van de stuurgroep die daar weer op toeziet. Geo-Impuls moet volgens Moll moet een breed platform zijn waar kloven tussen ontwerpers en uitvoerders en andere betrokkenen worden overbrugd. Want ook die kloof ligt aan de basis van veel geotechnische problemen.
Publicatie datum:03-07-2009 Bron: Cobouw